donderdag 19 oktober 2017

Keetmanshoop - Kamanjab - Namibië





In Keetmanshoop kunnen we onze proviand weer op niveau brengen.Het is een vrij grote plaats waar we alles kunnen krijgen. Ook kopen we een SIM kaartje met 1G data per week met 6000 sec. bellen 500 Mb WhatsApp en 700 SMS. Kortom voor een paar euro per week hebben we meer dan genoeg. Helaas dat viel tegen, genoeg bellen, SMS en WhatsApp maar data om de site te updaten was na ongeveer 10 foto's laden verdwenen. Dan maar weer met de vertrouwde wifi de blog bijwerken. Wel heb ik nog een extra SIM kaartje gekocht $ 7,= dat is ongeveer 50 eurocent, dan zitten we nooit zonder.
We steken zo'n beetje Namibië dwars over naar Lüderitz. Een Duitse koloniale nederzetting en dat is goed te zien aan de namen op de huizen. Het waait er enorm hard, vooral op ons kampeerplekje aan de oceaan. Het dak moet 's avonds naar beneden, niet alleen voor de wind maar ook voor de kou. We gaan nog even naar het verlaten mijnstadje Kolmanshoop. Helaas zijn we te laat voor de rondleiding en hebben geen zin om er tot de volgende dag op te wachten. 














Onderweg naar Aus stoppen we nog even bij een plek waar de wilde paarden die hier leven worden bijgevoerd omdat het al 6 jaar niet geregend heeft en de meeste dieren al dood zijn gegaan.
In Aus was het 's nachts tegen het vriespunt aan, een enorm verschil met overdag. Dan wordt het behoorlijk warm.




Vanuit Aus gaan we naar de Sossusvlei, een van de hoogtepunten van Namibië. De camping is volgeboekt, maar we kunnen nog een plekje krijgen onder boom 5. Nou ja, boom, veel schaduw hebben we er niet van en hij staat op een kale zandvlakte, een eind van de wc en douches af. Omdat we binnen het park staan mogen we met de eerste groep naar de zandduinen rijden 05.45 om de zon te zien opkomen. De weg door het park is zelfs geasfalteerd, terwijl we erg beroerde wegen hebben gehad om bij het park te komen. Alsof er een startschot gegeven wordt voor een wedstrijd vliegt iedereen als een idioot naar de duinen 45 km verderop. Er staan overal bordjes van 60 km, wat wij ook rustig doen, maar we worden aan alle kanten voorbij geraced en dat vooral door safariejeeps met een horde touristen erin. Natuurlijk komen we ruim op tijd aan om mooie plaatjes te maken van de rode duinen. Hier heb ik overigens mijn eerste ervaring met rijden in los zand. Al vele verhalen gehoord natuurlijk, lage bandenspanning en flink toeren houden dan moet het lukken. Omdat de wegen naar het park erg slecht waren had ik de banden voor al op 1,6 bar en achter op 2 bar staan en daar heb ik voor het zandrijden niets aan veranderd. Het ging perfect, geen centje pijn. Toen we de zandwegen weer verlieten naar de asfaltweg stond er een Ford Ranger vast. Geen beweging in te krijgen. Hij stond tot aan de bodem vast. Een stukje verderop stonden de Namibische hulptroepen al te likkebaarden om een paar centen of veel geld te vragen om hem eruit te trekken. Ik denk: dat wil ik ook wel eens proberen. Misschien wat overmoedig maar ja zo ben ik. De eigenaar van de Ford was er blij mee, want anders had hij misschien wel uren moeten wachten tot de prijs niet voor hem maar voor de hulptroepen acceptabel was. De beste man had een huurauto met automaat en wist waarschijnlijk niet hoe en wat in het zand. Lage gearing ingeschakeld en in de eerste versnelling volgas. En ja hoor ook mijn auto was zich lekker aan het ingraven. Blije gezichten bij de hulptroepen. Niet een maar twee auto's eruit slepen. Maar ik geef niet op en geef net zolang volgas totdat de banden beginnen te ruiken naar verbrand rubber en ja hoor, daar komt beweging in het verhaaltje. Een keer op gang is het een fluitje van een cent.
De Fordman blij, ik een ervaring rijker en zure gezichten bij de hulptroepen.












We gaan verder naar het noorden, maar als ik weg wil rijden krijg ik de sleutel van het contactslot niet meer omgedraaid.  Oups dat is erg vervelend want nu kunnen we niets meer. Alle reservesleutels opgezocht en proberen maar. Een sleutel lijkt iets nieuwer en ja hoor, met een beetje moeite doet ie het. We besluiten om maar naar Windhoek te gaan om een nieuw slot te kopen. 
We gaan via de Spreets Hoogtepass, erg mooi maar de wegen zijn wederom niet best. In Windhoek overnachten we bij Elisenheim, een bekende plek voor overlanders. Er staan hier zeker 80 auto's van buitenlanders gestald, waaronder ook de oude auto van Hennie en Jo die ze dit voorjaar aan een Nederlander verkocht hebben. In Windhoek vinden we al snel een Toyota garage die het slotje kan bestellen. Voordeel is dat we het ook in een andere plaats kunnen ophalen zodat we niet hoeven te wachten.




Vanuit Windhoek gaan we naar Walvis Bay. Natuurlijk via de Gramsberg en Kuisep Pass. Onderweg overnachten we op het kampeerterrijntje bij Weissenfels. Prachtig plekje ongeveer 7 kilometer de bush in vanaf de boerderij. Heel primitief maar dat vinden we geen punt. Een Duitse volantaire die op de boerderij werkt komt 's avonds nog even een praatje maken. Ze was te paard omdat ze de zorg heeft over 8 paarden van de boerderij. De boeren zijn door de droogte van koeien overgegaan naar het fokken van paarden. Het heeft hier al 6 jaar niet geregend en dat is dan ook goed te zien. Het meisje ging volgens ons een beetje laat naar de boerderij want het begon al schemerig te worden. De volgende morgen stond ze bij de paarden en we vroegen of ze nog voor donker terg was. Ze ziei van wel maar ze had het paard flink de sporen moeten geven. Ook de boerin had zich ook al wat zorgen over haar gemaakt. Omdat er geen telefoon verbinding is had ze wel een radio / walkie talkie bij zich.
Walvis Bay viel ons enigsinds tegen.Een langgerekte plaats aan de zee. In de lague zitten veel flamingo's. Verder is er niet veel te beleven. Swakopmund is daarentegen een aardig plaatsje. Winkels in overvloed een leuk centrum met oude gebouwen en een prachtige camping. Eigenlijk een soort van vinexcamping. Allemaal hetzelfde en veel te modern / netjes.
We rijden via Henties Bay, ook een aardig plaatsje, maar wel met veel vakantiehuizen, langs de kust door naar Mile 100. Hier gaan we we het binnenland in. We rijden onder de Brandberg door. Mooi, maar een bar slechte weg. Dat de camper niet uit elkaar rammelt mag een wonder heten. Het gaat langzaam en we komen niet verder dan Uis. Hier overnachten we en de volgende morgen gaan we naar de Brandberg om de White Lady te bewonderen. Dit is een onderdeel van een rotsschildering waarop een strijdende dame is afgebeeld. Volgens de laatste ontdekkingen is het echter een jongen die voor een ritueel ingesmeerd is met klei. Genderneutraal??? Helaas zit een olifantenstier ons in de weg. Hij staat in een rivierbedding waar we door moeten lopen om bij de tekeningen te komen. Aan de kant er langs op kan niet om dat er te veel slangen zijn. De gidsen durven het niet aan, want zo'n stier kan mensen aanvallen. Misschien later op de dag nog. Een gids durft het wel aan, maar dan moeten we wel een papier tekenen dat we het op eigen risico doen. We besluiten het niet te doen. Er komen nog rotsschilderingen genoeg. We gaan door naar Twijfelfontijn. Daar zijn rotsgravures van 2000 tot 6000 jaar oud.En er is geen agressieve olifant.Er zijn vele toeristen maar op de camping vlakbij waren we samen met een Duits/ Engels stel waarvan de man 85 jaar was. Hij was nog erg kras en hobbelde net als wij nog door dit overigens snikhete deel van Namibië. De camping was wat onderkomen.





We gaan verder naar Kamanjab waar we een dagje rust / werk inlassen. De wegen hebben ook z'n tol op de auto gevraagd. 4 popnagels afgebroken en speling op het wiellager. In een boerenbond- winkel bij de Shellpomp heb ik een popnageltang en popnagels gevonden om het spul weer vast te zetten. Ook in het stellen van het lager heb ik inmiddels voldoende ervaring om dat vlot te doen.
We staan bij Oppi Koppie, een camping van een Belgisch echtpaar met dochter. Ze zijn zeer vriendelijk voor overlanders. Auto's met een nummerbord van buiten de Afrikaanse Unie mogen er gratis staan. Het is een mooie camping, met zwembad en restaurant. En het is er bloedheet. This is Africa!


Geen opmerkingen:

Een reactie posten