dinsdag 16 februari 2016

Phnom Penh - Thakhek (Cambodja Laos)

In Phnom Penh zitten we in een hotel midden in het centrum van de stad. Het hotel was prima maar de omgeving was erg Combodjaans en bij de grote markt. Het mooie marktgebouw is ontworpen door een Fransman. We parkeren onze auto voor een paar dagen voor het hotel en dus tegenover het marktterrein. Er is 24 uurs bewaking van het hotel en men verzekert ons dat er niks gaat gebeuren en dat blijkt ook het geval te zijn. 




















We gaan de Wat Phnom Penh bezichtigen. Dit is een heuvel (Phnom) die door mevrouw Penh werd voorzien van de eerste tempel waar omheen later de stad Phnom Penh is ontstaan. Natuurlijk bezoeken we ook het Royal Palace met zijn zilveren pagode. Wederom een prachtig complex met een mooi aangelegd park. Eigenlijk mooier dan in Bangkok omdat het eenvoudiger en overzichtelijker is. In Bangkok is het erg vol gebouwd met tempels etc. We slenteren nog wat door de stad waar natuurlijk van alles te doen is. Lekker biertje drinken op een van de vele terrasjes en 's avonds natuurlijk weer lekker eten. 






De volgende dag gaan we naar de Killing Fields in Choeng Ek, een van de plaatsen waar het regime van Pol Pot in de jaren zeventig een deel van de in totaal 1,7 miljoen mensen op brute wijze heeft vermoord. Het is zeer aangrijpend om het verhaal van dit drama via een bandje met koptelefoon in het Nederlands te horen. Ook het monument waarin een groot aantal schedels van de omgebrachte mensen te zien is, is schokkend. Aan de verwondingen kun je zien hoe ze gedood zijn, met priemen, machetes, hakbijlen, knuppels en kogels. Diep onder de indruk vervolgen we onze reis. 



















We moeten nog een keer door Phnom Penh om naar het noorden te kunnen rijden. Elke keer is het rijden in zo'n grote stad weer een uitdaging. Van alle kanten komen auto's maar vooral duizenden scooters en motoren op ons af. Aan alle kanten worden we ingehaald en men voegt in zoals het uitkomt. Dat we een flinke auto hebben is beslist een voordeel, hier geldt zeker het recht van de sterkste. We hebben geluk maar het gaat lang niet altijd goed.




















Via iOverlander vinden we een mooi plekje langs de Mekong rivier om te overnachten, heerlijk rustig met een mooi uitzicht over de rivier. 









De volgende dag gaan we naar de grens met Laos. We zijn vroeg en willen nog niet oversteken. Ik kan dus mooi even kijken waarom de auto weer niet goed loopt. Ik geloof zo langzamerhand niet meer in de wasbeurten onder de motorkap. Ik maak alle stekkertjes van de bedrading goed schoon en bel met Peter van der Warf van 4WDtechniek om zijn mening te vragen. Hij adviseert mij om het brandstoffilter te by-pasen om te kijken of er wel voldoende brandstof komt. Inderdaad dat helpt, dus meteen maar een nieuw filter erin gezet en tot nu toe gaat het prima. Waarschijnlijk is de diesel ook hier niet erg schoon en moet het filter veel vaker worden verwisseld dan thuis. Weer wat geleerd.
De volgende morgen steken we de grens over, wat zonder problemen verloopt. Wel een erg sumiere ontsmetting van de auto. Even met een gifspuit over de banden spuiten , 4 dollar betalen en de auto is ontsmet. We gaan langs de Mekong naar Pakse. Dit is de grootste stad van zuid- Laos (hier zeggen ze Lao). 




















De eerste nacht slapen we aan de overkant van de rivier bij een reusachtige Buddha die over de rivier tuurt. De volgende dag gaan we richting Paksong op het plateau van Bolaven. Een stuk koeler dan in de stad omdat we hier op 1000 hoogte zitten. Uit eten gaat niet altijd goed dus we keren weer terug naar Pakse en nemen een hotel om de darmen weer tot rust te laten komen. Ook kunnen we meteen de was laten doen en koop ik ondertussen een nieuw brandstoffilter voor op reserve. 



















We vervolgen de reis over het Bolaven plateau en bezoeken hier diverse watervallen. We rijden over een hoogvlakte met enorme koffievelden. Overal langs de weg liggen koffiebonen te drogen. Dit zal zijn van de lokale bevolking die hun eigen veldjes hebben. Op de grote plantages gaat dat anders. Ook liggen er overal partijen cassavastukken in de zon te drogen. We maken een iets te grote lus en komen in tijdnood om te overnachten bij de watervallen van Tat Lo. Het is donker als we aankomen en daar is Bernadette niet blij mee. De volgende morgen zien we dat we op een leuk plaatsje staan vlak bij de waterval. 






In dit soort manden wordt van kleinvee vervoerd zoals kippen eenden varkens en geiten


We bedenken om een tijdje door het binnenland te rijden langs de grens met Vietnam. Op onze kaart van Reise Know How staat er een gele weg en die zijn meestal erg goed. Het viel mij al wel op dat op de OSM kaart op mijn navigatie die weg niet stond. Maar ja deze kaart was gratis en niet erg gedetailleerd. We hadden wel vaker op wegen gereden die er niet op stonden. Nu hadden we pech. Na ruim honderd kilometer bleek dat de weg inderdaad niet bestond en we enkel naar de grens met Vietnam konden. En daar hebben we visum en toestemming voor nodig om er met de auto in te gaan. En die hadden we dus niet. Het hele eind weer terug. Ergens halverwege zie ik nog een dun binnendoor weggetje en ik gok er nog een keer op dat het goed gaat. En ja hoor de eerste 30 kilometer een prachtige weg en toen niet meer. Nog een kilometer over een hobbelig zandpad gestuiterd omdat dat volgens de plaatselijke bevolking de goede weg er wel was. Niet te doen en maar weer terug. Natuurlijk naar ons mooie plekje bij de waterval.






De volgende dag maar weer langs de Mekong naar het noorden. We komen via Savanakhet, waar we gratis bij een mooi resort kunnen overnachten, aan in Tha Khaek. Een plaatsje van waaruit veel toeristische activiteiten geregeld worden. Daar komen we terecht in een bergbeklimmerskamp waar we kunnen overnachten. Tot onze grote verrassing was het hier 's avonds erg koud terwijl we maar op 150 meter hoogte zitten. De oorzaak is een stevige koude wind. Daar hebben wij in ons campertje geen last van, maar de klimmers die veelal in de hutten met bamboeafscherming slapen wel. Het waait er goed doorheen. Het is een kamp, dat gedeeltelijke van Duitsers is, en gedeeltelijk van Laotianen. Je kunt hier nl. als buitenlander nooit voor 100% een bezit hebben. Onder de klimmers in Europa hebben ze een goede naam. 







Tegenover het kamp liggen grotten met daarin verschillende boeddha's. Ze worden veel bezocht door de plaatselijke bewoners en overdag komen er toch nog verschillende toeristen een kijkje nemen.


2 opmerkingen:

  1. Weer bedankt voor de mooie foto's en smakelijke verhalen. En inderdaad van de killing fields word je niet vrolijk. Zeker met de Nederlandse verhalen via de koptelefoon werden wij een beetje depri. Maar dat hoort ook bij jullie reis. En inderdaad moet je vaker je brandstoffilter vervangen, je moet daar niet op bezuinigen. Jammer dat jullie Vietnam niet ik gaan, maar dan blijft er nog wat te reizen voor jullie. Is er nog een kans dat jullie via China terug richting Europa gaan? Of toch deels per boot ? Zijn jullie daar al uit? Thea heeft bij het skiën haar heup gebroken dus ik zit de komende 3 maanden full time in de mantelzorg. Wij overwegen om na onze reis door Australië, terug vis China te rijden. Maar daar kunnen jullie ons vast alle info over geven tzt.
    Groetjes en nog veel reis-plezier !

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Wàt een prachtige foto's zeg! Helemaal onder de indruk. Denk er zelfs aan om eentje uit te laten vergroten (op canvas oid. Maar dat komt wel als jullie weer bij ons op Welgelegen zijn :-). Heel veel groetjes van ons en heel veel liefs. Bart, Tea, Kijn en Kluun en pootje van Pluto!

    BeantwoordenVerwijderen