donderdag 5 december 2013

Otavalo – El Peñol (Ecuador-Colombia)


In Otavalo bezoeken we de grote Indiaanse  zondagsmarkt die door de hele stad verspreid gehouden wordt. Het is er gezellig druk en we vermaken ons er best.


zielig hè, levende kreeften
Keuze genoeg voor Bernadette




















Vanaf Otavalo gaan we richting de grens met Colombia. We hebben van een Zwitsers stel, Kurt en Michele gehoord dat er vlak voor de grens in Tulcán een kerkhof is met prachtig geknipte conifeerhagen. Eigenlijk zijn het beelden, echt ware kunstwerken die al jaren op deze manier onderhouden worden. Het regent pijpenstelen als we er zijn en dat is toch wel erg jammer.


Er staan honderden van deze kunstwerken




















Het is vreselijk druk voor de grens en er staat een flinke file. Hierdoor zijn we erg laat en moeten we in het donker een verzekering voor de auto zien af te sluiten in de stad Ipiales vlak over de grens. Daarna nog een overnachtingsplaats zien te vinden. Gelukkig heeft Henny allemaal adresjes waar al eerder reizigers hebben overnacht. Deze keer komen we uit bij een klooster met een mooi uitzicht op een in het dal staande kathedraal. Ook ’s nachts mooi omdat hij verlicht is.




De volgende ochtend brengen we een bezoek aan de kathedraal. Alleen al door de ligging tegen een snel stromend riviertje aan maakt hem bijzonder. Het is er wel wat Lourdes-achtig met natuurlijk vele souvenirs stalletjes. Ook hebben ze er gelijk maar een elektriciteit centrale tegenaan gebouwd in dezelfde stijl als de kerk.










We overnachten ten oosten van de stad Pasto bij een Zwitsers hotel. We staan in de prachtige tuin waarin het hotel staat. We mogen er gratis staan als we er tenminste eten. Volgens de gegevens die we via MINBUZA hebben gekregen bevinden we ons nu in FARC gebied. We schrikken ons dan ook te pletter als er rond middernacht een machinegeweer vlakbij een roffel laat horen. We zitten stijf in bed en denken dat ons laatste uur geslagen heeft. Gelukkig gebeurt er verder niets meer. De volgende ochtend zien we waar het grapje van afgelopen nacht vandaan kwam. Vlak bij op een heuvel bivakkeert een leger patrouille waar de nodige soldaten rondhangen. Ook de mensen van het hotel zeggen dat er niets aan de hand is. De schrik zit er echter zodanig in dat we toch maar kiezen voor de “veilige” Panamericana, ook nadat de politie ons verzekerd heeft dat de andere weg beslist veilig is tussen 06.00 en 18.00 uur.  Je zal om wat voor reden dan toch moeten overnachten in een ‘s nachts onveilig gebied.









Vlak voor Cali overnachten we in het nationaal park bij het plaatsje Pance. Een leuke finca waar we de enige gasten zijn. Jo en Henny gaan er eten, wij hebben de koelkast nog vol dus koken we zelf. Als we klaar zijn met ons eten wordt er op de camperdeur geklopt en moeten we meekomen naar het restaurant van de finca en of we willen of niet we moeten ook eten. Valt niet mee twee keer achter elkaar. De volgende morgen gaan Henny en ik een wandeling maken over de finca. Een medewerker vertelt wat er zoal groeit en bloeit en laat ons het fruit proeven dat hij vers van de bomen plukt. Als we terugkomen komt ook de chef terug uit het dorp en vraagt of we zin hebben de vlakbij gelegen berg op te wandelen. Heb ik altijd wel zin in, de anderen niet. Van een eerdere reis naar Nepal herinner ik me de sherpa’s die met het grootste gemak met onze bagage de bergen over snelden. Nou deze kerel leek ook wel zo’n sherpa. Ik heb nog zelden zo gezweet en hem inderdaad een paar keer gevraagd het kalmer aan te doen. En hij maar grijnzen. Onderweg plenst er een flinke onweersbui naar beneden en moeten we schuilen. De Colombianen zijn echt lieve mensen, we krijgen spontaan koffie aangeboden en mogen een boom met vruchten, waarvan ik de naam niet kan onthouden, leegplukken. Mijn gids kent het hele dorp dus zijn we veel langer onderweg (weer koffie drinken) dan gepland,  zodat Bernadette wat ongerust wordt. De vader van mijn gids stelt haar gerust omdat zijn zoon wel weet wat hij doet.

Een echte vechthaan
Een tamme vlinder


















Het volgende plaatsje is Salento net achter Armenia. Het regent weer in de namiddag. Dit is zowat vaste prik hier in Colombia, het is er tenslotte regentijd. Het is een erg mooie omgeving en een aardig toeristenplaatsje. Omdat het zondag is, is het erg druk in het centrum van het plaatsje en ook gezellig. Er speelt een bandje voor de kerkdeur en ook in de café’s speelt life muziek.

De volgende ochtend brengen we een bezoek aan een koffieplantage. We krijgen een erg leuke rondleiding waarin het hele koffie proces ons wordt uitgelegd. Van de planten, de grond, het plukken en verwerken van de koffiebonen tot het drinken ervan. Na de middag maken we een tochtje door de Valle de Cocora. Hier staan 30 tot 40 meter hoge waspalmen die kaarsrecht staan en een bijzonder beeld geven in het prachtig groene landschap.

Waspalmen in de nevel

Zo wordt hier de melk nog vervoerd



















We overnachten er en ik besluit de volgende dag een ritje op een paard te maken. Niet dat ik nou zo’n paardrijder ben maar het is toch een stuk makkelijker dan te lopen (klimmen). Er gaat weer een gids mee maar hij gaat niet te paard maar loopt er achteraan. Weer zo’n sherpa-type dat niet moe te krijgen is. Het tochtje is erg leuk en het babbelen in het Spaans gaat steeds makkelijker merk ik. Ik laat hem ook maar even oefenen met mijn filmapparaat en zie hier het resultaat.


We vervolgen onze weg naar het noorden en komen uit bij het plaatsje La Pintada. Hier vinden we een leuk plekje met een zwembad. Het plaatsje ligt laag en voor de verandering is het een keer mooi weer en dan is het ook meteen snikheet. Het zwembad is voor ons viertjes en we vermaken ons er  prima.

Ja... dat is lekker hè

Als we de volgende ochtend verder willen zie ik dat ik al weer een lekke band heb. Na hem te hebben laten repareren komen we via een omleiding terecht in Medellín. Een mega stad die ik wel even binnendoor zal nemen. Nou dat valt een beetje tegen, niet erg goed bewegwijzerd en met al die eenrichtingsstraten ben je er zomaar niet door. Om de stad uit te komen moeten we bergop en flink stijl. Met moeite red ik het in de 1e versnelling. We komen uit bij de stuwmeren van El Peñol die erg mooi zijn.  

Geen opmerkingen:

Een reactie posten